De sauna en de anonimiteit die niet doorbroken werd

  

Vanavond was ik in de sauna. Daar ga ik elke week naartoe. Op maandagavond, want dan blijven de meeste mensen thuis. Bij gebrek aan een partner of vriend met dezelfde interesse, ga ik alleen. Dat was eng in het begin, maar nu niet meer. Als ik om half zes aankom, maak ik na een sessie in het Turkse stoombad twee tot drie rondjes in de buitensauna. Na het opwarmen is er de douche en dan het lege zwembad. Hoewel het augustus is en er enkele tientallen mensen op het gazon in de honderden ligstoelen van de zon of juist de schaduw genieten, is het centraal gelegen zwembad  altijd leeg. Tot mijn genoegen, want dan kan ik door het water zonder menselijk obstakel van de ene kant naar de andere sjezen. Heen borstslag, terug rugslag. Letten op het trapje want als dat in beeld komt, moet ik keren.

  

Tegenwoordig houd ik mijn horloge om. Hoewel ik bang was dat het metaal zou geleiden en de huid verbranden, gebeurde dat niet. De robuuste band is dus van nepmetaal. Dat horloge geeft namelijk exact aan als het zeven uur is. En dat is het tijdstip van de opgieting. Iedereen op het gazon verzamelt zich tegen die tijd bij de grote opgietsauna. Naakt of met een handdoek bedekt staan we zwijgend bij elkaar te wachten tot we naar binnen mogen. Toen ik eens al eerder binnen ging zitten, moest ik weer naar buiten, om er zeker van te zijn dat ik afgekoeld naar binnen ging. De volgende keren sloot ik zo laat mogelijk aan tussen de wachtende mensen. 

 

Het opgieten is heerlijk. Vochtige lucht laat je meer zweten dan hitte alleen. Er is muziek en de opgieter zwaait hypnotiserend met handdoeken, vlaggen en grote waaiers. Bij elke toevoeging van ijsbollen, etherische oliën en water neemt de warmte toe, totdat tegen het einde de gloeiende druppels de pijngrens tarten en de adem benemen. Na afkoeling is de sauna nog steeds heerlijk warm en vochtig en bezoek ik die nog een laatste maal voordat ik naar huis ga. De eerste keer was ik van plan om ook de maaltijd te gebruiken in het restaurant bij de sauna. Dat durf ik echter niet, en inmiddels ben ik eraan gewend om zonder iets te gebruiken vrijwel precies drie uur na vertrek weer thuis te komen.

  

Als ik in de sauna ga, moet ik mijn bril afzetten. Toen ik dertig jaar geleden voor het eerst een sauna bezocht, wist en wilde ik dat niet. Het plezier van het zien veroorzaakte na luttele keren barstjes in het plastic. Sindsdien gaat hij het bakje in en zit ik in een waas waarin ik met moeite mannen van vrouwen kan onderscheiden. 

 

Buiten is het beter. Als ik na het zwemmen en vóór de volgende saunasessie enkele minuten op een ligstoel in de schaduw afkoel, kan ik de andere bezoekers op het gazon gadeslaan. De meeste van de twintig tot dertig bezoekers zijn samen met een partner of vriendin. Een stuk of vijf tot acht mensen is alleen. Mannen en vrouwen zijn er in zelfde mate. De leeftijd is op een enkele uitzondering na vanaf veertig plus met een gemiddelde boven de vijftig. Er is weinig gêne en ik vind het aangenaam om al die lichamen met hun verschillende vormen en maten om me heen te zien en in me op te nemen. Dat zien doe ik zonder te kijken, want dat hoort zich niet. Dat zien probeer ik ook te doen zonder iets te vinden. In de tuin probeer ik los te komen van het idee dat een mus een leukere vogel is dan een ekster en dat een brandnetel een vervelender plant is dan een goudsbloem. Ook bij lijven wil ik me ontworstelen aan de hinderlijke rating die ik dwangmatig aan elke verschijningsvorm toe ken.

 

Dat ik alleen durf te gaan naar de sauna, komt omdat niemand me ziet. Niemand bemoeit zich met me, spreekt me aan of wil iets van mij. De anonimiteit maakt me onzichtbaar en maakt de andere mensen tot verschijningen. Duikt plotseling een bekende op, ik zou me ongemakkelijk voelen. Bekeken zeg maar, waardoor ik mij niet meer ongezien kan gedragen. De sauna is een ontmoetingsplek waar je net zomin iemand hoeft te ontmoeten als in de straat waar je woont.

  

Vandaag was er iets ongebruikelijk en verwarrend. Na de opgieting liep ik zonder bril naar buiten. Legde mijn handdoek over een stoel vlakbij de sauna en liep douche en zwembad in. Toen ik terugliep, zag ik in een waas (bril) een vrouwmens (-10) op de stoel direct naast de mijne liggen (er stond geen tafeltje tussen!). Een soort paniek overmeesterde mij. Moest ik daarnaast gaan liggen, zo dichtbij haar? Ik volgde als altijd mijn angst en nam in een reflex mijn handdoek van de stoel en liep de sauna in. Liggend op de bank (zonder bril) starend naar het plafond drong tot me door dat ze daar niet toevallig lag. Waarom zou iemand uitgerekend op een stoel gaan liggen naast een stoel waar een handdoek op ligt als er tientallen stoelen staan waarvan de stoelen ernaast volledig leeg zijn? Zoveel achteloosheid is ondenkbaar. Nee: ze had bewust die stoel genomen. En niet omdat er een handdoek lag op de stoel naast haar, maar omdat MIJN handdoek er lag. Dat moet wel, want niemand is zo radeloos alleen dat hij naast elke eigenaar van een willekeurige handdoek wil liggen. Maar als ze dus specifiek naast mijn handdoek is gaan liggen, dan moet ze dat gedaan hebben omdat ze mij LEUK vond. Zij heeft dus de moed bij elkaar geraapt om op die stoel naast de mijne plaats te nemen in de hoop dat ik daar naast haar zou gaan liggen en contact met haar zou leggen. Ze had dus in reality (anders dan online, vandaar het Engels) een contactverzoek aan mij gedaan. En wat deed ik? Ik wees haar zonder aarzeling af en liet haar vallen (nou ja: liggen).

 

Dit alles ging door me heen terwijl ik starend naar het plafond verhit raakte. Ik bedacht hoe ik onlangs in een essay nog schreef dat ik vanwege gebrek aan succes hoopte in een volgend leven als Don Juan terug te komen. Los van amoureuze implicaties doorbrak deze geste de anonimiteit. Ik stond op het punt om iemand te ontmoeten, in de ogen te kijken, te spreken, misschien wel een hapje mee te eten. En wat deed ik: ik rende weg, de mij zo vertrouwde veilige leegte in.

 

Toen ik de sauna uitliep, zag ik haar tot mijn verbazing nog zitten. Wachtte ze me op? Wat moest ik daar nu weer mee? Zoekend naar mijn bril stond ze op en was weg. Ik zag nog net dat ze stevig en gedrongen was en kleine borsten had. 

 

 

Naschrift. 

- Sauna's zouden fantastische plekken zijn om foto's te maken. De stoom en naakte lichamen leveren prachtige decors. Vanwege privacy is dat natuurlijk niet mogelijk. Ik droom er wel eens van om met alleen maar mensen die daarmee instemmen, een sauna af te huren en fantastische beelden te maken. 

- De eerste twee foto's zijn gemaakt op Sicilië in Villa Amorena in het plaatsje Cefalu. In die Romeinse Villa zijn honderden mozaïeken gevonden en nu te bezichtigen. Deze unieke plek heeft de status van Wereld Erfgoed. De zogenaamde bikini meisjes vormden een bewijs dat ook al voor onze jaartelling de bikini bestond.

-De derde foto is ook gemaakt op Sicilie in een winkel in Catania. Die winkel stond vol met nagemaakte vissen. Ik vind het heerlijk om dat te fotograferen. Uiteindelijk houd ik dan toch slechts enkele foto's over, waaronder deze.

- De vierde foto is een fragment van een beeldhoud serie achter Palais Tokyo in Parijs. Die acht beelden met als thema de Muzen zijn volgens internet gemaakt door Rene Letourneur voor de Wereld tentoonstelling van 1937. Ik kan me gemakkelijk een heel uur vermaken met het fotograferen van de prachtige afbeeldingen. Hoewel het creatief gehalte daarvan laag lijkt omdat ik vooral kopieer, geeft het vastleggen zelf en ook het ernaar kijken erna me veel voldoening.

- De vijfde foto is een tafereeltje dat ik tegenkwam toen ik gewoon in een woonwijk langs de achtertuintjes liep. Het is opwindend om op plekken waar je niks verwacht, opeens iets moois te ontdekken en te creëren.

- De foto hieronder is gemaakt in het Centre Pompidou in Parijs voor de verbouwing.