Van kippen en hun rechten
In tien jaar dat ik hier woon, houd ik kippen. Winandottes, Lakenvelders, Amrocks en noem maar op. De eerste keer dat ze allemaal gedood werden, was toen ik avonds weer eens vergat om de ren te sluiten. De ochtend erna lag de ren vol met bloed en veren. De vos was toen beschermd en talrijk en moordde in dorpen alles uit wat maar aan pluimvee gehouden werd.
De oplossing was de chicken guard. Een hooggeprijsd mechaniekje waarbij een door batterijen aangedreven motortje een touwtje op- en afrolt waaraan een aluminium plaat ter grootte van een kip de opening van de ren op in te stellen tijd opent en sluit. Deze was betrouwbaarder dan ik en de vos kwam niet meer binnen. Dit mocht mijn twee eenden niet baten. Zij brachten de nachten niet door in de ren maar in de vijver. De eerste legde het loodje toen ze eieren legde en erop ging broeden. Ze was een gemakkelijke prooi. De tweede hield het tot de winter. De avond dat ik een wak maakte in de vijver, zag ik de angst in haar ogen. De volgende ochtend was de eend verdwenen, het wak dichtgevroren en vertelden de voetsporen van de vos op het besneeuwde ijs de rest van het verhaal. Had ik haar niet met mijn vangnet moeten dwingen in de ren te overnachten?
De volgende kip die eraan moest geloven, was de haan. Zijn doodvonnis werd niet voltrokken door de vos maar door mij. Het geval wil dat ik de gram van dit dier op mij laadde toen ik hem één keer met enig machtsvertoon over het hekje uit mijn groentetuin joeg. Toen ik een paar uur later mij van geen kwaad bewust rustig door de tuin kuierde, vloog opeens een lijf van achter vol tegen mijn schouder aan. Op het moment dat ik me verbaasd omdraaide, stormde de haan in vol ornaat opnieuw op me af en kon ik zijn sporen alleen met uitgestrekt been ontwijken. Vanaf dat moment kon ik alleen nog kijkend over mijn schouder door de achtertuin lopen. Deed ik dat even niet, dan zag hij zijn kans schoon en stoof op mij af.
Ik leed onder deze situatie. De relatie leek onherstelbaar beschadigd. Waar de kipjes voorheen weinig notie van me namen en onbekommerd in mijn buurt wormen pikten die bij mijn grondbewerking omhoog kwamen, waren ze nu bang en bleven luidruchtig protesterend uit mijn buurt. Ik kende mijn positie en legde me erbij neer. De druppel die de emmer deed overlopen, was dat de haan vanaf dat ene moment van onderwerping van slag was en de godganse dag bleef kukelekuen. Er wonen schapen bij de buren en, nog erger, geiten bij de andere, die hels kunnen blaten en mekkeren, maar tegen een continu kraaiende haan is geen zenuwgestel bestand. Het leidde tot het levenseinde van deze haan en ook tot opgelegd celibaat van alle kippen.
Ik wou dat het hierbij bleef, maar het meest traumatische moet nog komen. Het was een zwoele zomernacht met het raam wijd open. Midden in die nacht klinkt door merg en been gaand gegil. Alsof kinderen levend worden gevild. Bij de derde gil is er het besef: het zijn de kippen! Sneller dan ik ooit uit bed naar buiten ben gerend, kom ik ter plaatse. Kippen liggen dood verspreid door de ren of uitgeteld in shock. Nergens bloed in een dichte ren.
De volgende ochtend speur ik liggend en kruipend de ren af. In een hoek zijn enkele krammen losgetrokken. Een opening waar net een tennisbal doorheen kon. Genoeg voor de bunzing om binnen te komen en met opengesperde bek de keel van de ene na de andere kip te breken of te doorboren. Een extra laag gaas en een half jaar verder durf ik pas opnieuw kipjes in de ren te nemen.
Maar nu het dilemma. Mijn relatie met de kippen is uitstekend. Ik respecteer ze. Als er een midden op het pad ligt te zandbaden, loop ik om. Als er eentje ligt te broeden op eieren waar geen kuikens uitkomen, laat ik haar. Durft er een in mijn groentetuin te komen, dan zet ik het hekje open en smeek haar vriendelijk te vertrekken. Tot zover niks aan de hand.
Het begon twee weken geleden. Het was ochtend en de ren was nog dicht. Er liep echter een zwarte kip buiten. Hoe kon dat? Alleen als zij de ren niet was ingegaan, kon zij er buiten zijn. Enkele dagen later zag ik haar óp de ren liggen. Het hek was van de dam, want weer enkele dagen erna liepen en sliepen drie kippen buiten de ren. Gisteravond vlak voor zonsondergang zat er nog eentje moederziel in de ren en zaten er vier op een meter hoog in de appelboompjes.
Ik heb ze laten zitten. Want kippen hebben toch recht om te leven zoals ze willen? Maar als nu de vos of de bunzing kwam, maakten ze dan kans op overleven? Zijn ze wel slim genoeg om hun eigen welzijn te behartigen? Ik hoopte maar dat deze kippen niet hetzelfde lot beschoren was als die arme, angstige eend. Ik sliep onrustig. Stond een keer bij het open raam te luisteren, maar hoorde niks. Vanochtend lagen overal witte veertjes en was van twee kippen geen spoor. Opnieuw had ik door niet ingrijpen de verkeerde keus gemaakt en leerde de vos mij dat als ik iets wilde behouden, ik ervoor moest vechten, zelfs als dit tegen de zin is van degene die ik wil beschermen.
Disclaimer: dit verhaal is een relaas van 14 jaar kippen houden. Ondanks wat mij is overkomen, hebben mijn kippen gemiddeld genomen langer en leuker geleefd dan als ze voorwerp zijn van de professionele kippenhouderij.
NB: achteraf bleek dat de kippen het nachthok niet meer ingingen vanwege bloedluis. Kleine zwarte stipjes die overdag rusten en 's nachts met duizenden tegelijk omhoog kruipen om zich vol te zuigen met het bloed van de nachtblinde kippen. De kippen raken daarvan zo gestrest dat ze hun nachthok niet meer in durven. De bloedluis is bestreden, maar toch staat de ren leeg. De laatste niet door de vos verorberde kip: Tante Sidonia, slijt sinds enige tijd en tot wederzijds genoegen haar dagen bij de buren.